Bij de mannen was de uitslag een dĆ©jĆ -vu: Toon Aerts dook als eerste het veld in en hij zou,Ā net als vorige week in Waterloo, de veldritĀ ook op zijn naam schrijven, ondanks dat Wout van Aert zich kranig verweerde. De wereldkampioen versnelde meermaals, maar Aerts brak nooit.Ā
Sterker nog: de coureur van Telenet Fidea Lions zou uiteindelijk van zijn landgenoot wegrijden. Hij zou daarmee tekenen voor zijn tweede wereldbekerzege in een week. Daarnaast verstevigde hij zijn leidende positie in het regelmatigheidsklassement.Ā
De top tien was een bijna volledig Belgische aangelegenheid. Enkel CornƩ van Kessel wist op de geniepige, met modder bezaaide omloop, was op plek vijf de enige niet-Belg bij de eerste tien.
Na de mannenveldrit waren ook de vrouwen aan de beurt. Net als in Waterloo werden de dames opgediend als hoofdgerecht. De Amerikaanse Kaitlin Keough zou halverwege wegrijden van Marianne Vos en co., het vele glibberen en glijden bleek haar als beste te liggen. Na krap veertig minuten mocht ze tekenen voor haar eerste wereldbekerzegeĀ uit haar carriĆØre.
Na een beklijvend gevecht zou de Britse beloftenwereldkampioeneĀ Evie RichardsĀ tweede worden. Marianne Vos - die de wereldbekerleidingĀ behield - zou Sophie de Boer aftroeven voor de derde podiumplaats.
Wereldkampioene Sanne CantĀ zou op plaats vijf de eerste van twee Belgische vrouwen zijn in de top tien van de daguitslag worden. In totaal reden rensters van acht nationaliteiten zich bij de eerste tien, een schril contrast met de mannencross.