Vergeten renner Wim Vanhuffel: voor even Belgisch hoop in bange wielerdagen
Premium

Vergeten renner Wim Vanhuffel: voor even Belgisch hoop in bange wielerdagen

Wat is dat toch met Belgische wielrenners? We kunnen deze pagina volschrijven met de namen van Belgen die de afgelopen 25 jaar uitblonken in het winnen van klassiekers, in het sprinten en in het tijdrijden. Gilbert, Van Avermaet, Boonen, Museeuw, Steels, Van Petegem… Zelfs Nick Nuyens en Johan Vansummeren hebben een monument op hun naam staan. 

Wanneer het gaat om een klassement rijden in een grote ronde wordt het oorverdovend stil. Eerlijk is eerlijk; in 2010 werd Jurgen Vandenbroeck derde in de Tour de France en twee jaar later flikte Thomas De Gendt dat kunstje in de Giro. Zeer knappe prestaties, maar het waren incidenten. Blijkbaar zit het rijden van een klassement niet in het wieler-DNA van onze zuiderburen. Al kan ene Remco Evenepoel daar wel verandering in gaan brengen…

De vreugde was in 2005 dan ook groot, toen Wim Van Huffel zich ineens manifesteerde als klassementsman. Van Huffel, op 25 mei geboren in Oudenaarde, het Mekka van de Vlaamse wielersport. Daar waar lange Alpencols verder weg lijken dan ooit, waar wegen geplaveid zijn met kasseien, waar het vooral boren op het kantje en rammen door het slijk is.

Het kon in 2005 niet op voor wielerminnend Vlaanderen, met de grote doorbraak van Tom Boonen in het voorjaar. In de Giro van dat jaar ging het feest vrolijk door. Van Huffel werd elfde en manifesteerde zichzelf vooral in de bergetappes. Voor velen wellicht een verrassing, maar voor Van Huffel zelf niet. “Het jaar daarvoor reed ik met de beste klimmers al mee naar boven in de Ronde van Oostenrijk”, vertelde hij in 2006 aan Wieler Revue. “Daar is echter weinig per aanwezig en ook de echte toppers waren er niet. Dus kraaide er geen haan naar in België, al hield ik er zelf een goed gevoel aan over. Maar als je in de Giro met de toppers mee omhoog gaat heeft iedereen het gezien en dat spreekt aan.”

Vanhuffel tijdens de Dauphiné van 2005.

Van Huffel werd in 2002 prof bij Vlaanderen-T Interim. Hij won in 2003 de Hel van het Mergelland en kreeg in 2005 een contract bij Davitamon-Lotto aangeboden. Hij reed in zijn eerste grote ronde vooral in de slotweek met de besten mee bergop. In Sestriere werd hij vijfde en in de koninginnenrit legde hij zelfs beslag op de vierde plek. Vlaanderen begon te hopen en te dromen. Was Snuffel dan die ronderenner waar zo lang op werd gewacht? Wat overigens meehielp in de hype was dat Sporza en Eurosport de Giro dat jaar live uitzonden. Nu is het ondenkbaar dat de ronde niet live uitgezonden wordt, maar 15 jaar was het bijzonder.

Wim Van Huffel kon zijn elfde plaats uit 2005 echter nooit bevestigen, ondanks dat hij in 2005 nog derde werd op de Ventoux, tijdens de Dauphiné. Hij werd een jaar later zeventiende in de Giro. Dat is natuurlijk helemaal niet slecht, maar voor iemand waarvan zoveel werd verwacht was het ook niet goed. Daarbij kwam dat Van Huffel zijn salaris flink op de begroting drukte en er was ook de nodige kritiek. Van Huffel zou niet genoeg voor de sport leven en teveel frieten en pinten consumeren. “Ja, ik drink inderdaad graag een pintje”, zei Van Huffel daarover. “En één keer in de twee weken eet ik frietjes. Maar of ik daarom minder voor mijn sport leef? Ik leef graag, dus ik vind dat af en toe een friet en een biertje moet kunnen. Wat is trouwens de perfecte voeding? Dertig jaar geleden aten de renners voor de koers een biefstuk. Nu is dat een doodzonde, maar reden die mannen dan zoveel slechter?”

Leffe drinken met Peter van Petegem

Een zoektocht op internet levert het beeld op van iemand die van fietsen houdt, maar gezelligheid niet minder apprecieert. Na training een Leffe drinken met Van Petegem en co, tijdens de Giro ’s avonds een wandeling maken in plaats van rusten op de hotelkamer, een Bourgondiër. “Ik weet wanneer ik me het beste voel en dat is als ik af en toe eens mag leven.”

Het interview uit 2006 geeft een mooi beeld van de tijdsgeest toen. Van Huffel trainde dat jaar voor het eerst met een hartslag en -vermogensmeter. Anno 2020 is dat zelfs onder (fanatieke) amateurs gemeengoed geworden. Iets waar Van Huffel geen liefhebber van was. Overigens ergerde hij zich ook aan het feit dat ze in de Giro over de Finestre en Kronplatz moesten. Hij vond het niets. “Je zou eigenlijk met z’n allen in staking moeten gaan, al lijkt me dat heel moeilijk. In de Tour kon je tot vorig jaar bij Armstrong terecht om een probleem aan te kaarten en een eventuele staking te bespreken. Maar sinds Lance is gestopt zie ik geen echte leider meer in het peloton.”

Van Huffel bleef uiteindelijk tot 2008 bij Lotto fietsen, maar kon op een zesde plaats in Kuurne-Brussel-Kuurne van 2007 geen opvallende uitslagen voorleggen. Hij kreegt dus ook geen contractverlenging. Een nieuwe ploeg vinden bleek niet evident te zijn. Er meldden zich een Poolse en een Luxemburgse ploeg, maar beiden bleken luchtkastelen. Hij kon bij Revor-Jartazi fietsen, voor een broek en een shirt. Amper een week later meldde het Oostenrijkse Voralberg-Corratec zich voor de Vlaming en in 2010 reed hij voor het Griekse worldofbike.gr. Twee totaal verschillende ploegen, met één overeenkomst: Van Huffel reed er geen noemenswaardige uitslagen. In 2011 verscheen hij nog in de uitslag van Dwars door het Hageland, maar sindsdien is het stil rondom de wielrenner Wim van Huffel. Hij fietst nog steeds, vertelde hij een paar jaar terug in Bahamontes. “Ik kan niet zonder de koers”. En dat blijkt, want tegenwoordig brengt Van Huffel in post naar postkantoren. ’s Nachts, zodat hij overdag kan fietsen.

Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Wieler Revue thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct

Laatste nieuws