Column | Besef goed: Van der Poel en Van Aert zijn de Messi en Ronaldo van het wielrennen en jij maakt het mee!

Onze redacteur neemt in dit crossluwe weekend de tijd om even stil te staan bij het feit hoe bijzonder het is om in het wielerera te leven waarin zowel Mathieu van der Poel als Wout van Aert actief zijn. Lees z'n verhaal en laat het ook tot je doordrengen..

In dit wat crossluwe weekend - met na de afgelasting van het NK alleen het Belgisch kampioenschap op het programma - is het tijd voor wat reflectie en contemplatie. In de rollercoaster die het wielerseizoen 2020 was, hebben wij wielerliefhebbers daar amper de tijd voor gehad. En er is wel alle aanleiding toe. Want we moeten goed beseffen in wat voor tijd we leven.

De reflectie en contemplatie begint bij een toetje*. Toetjes zijn lekker. Heel erg lekker. Maar dat heb je pas door als-ie op is. Dan denk je: potverdomme, dit was een lekker toetje zeg, smull0n! Tijdens het eten van het toetje heb je dat eigenlijk nog niet echt door en hap je gewoon lekker door. Je zit in de eetroes, zoals je ook een zak chips onnadenkend in één keer leeg schranst.

*Als je niet van toetjes houdt, mag je op de plek waar toetje staat ook iets anders lezen, bijvoorbeeld een frikandel speciaal, een blauwschimmelkaas of waar jouw culinaire hart ook maar sneller van gaat kloppen.

Nu denk je misschien: allemachtig, waarom heb ik hier als wielerliefhebber een alinea lang m'n kostbare tijd verspild aan wat geleuter over toetjes (of frikandellen speciaal, als je dat in plaats van de toetjes las). Je zou groot gelijk hebben, ware het niet dat hier Mathieu van der Poel en Wout van Aert om de hoek komen kijken.

Zij zijn net als toetjes. Zonder erbij na te denken smullen we van ze, het hele jaar door, in de zomer als een fris en fruitige sorbet, in de winter als een vette mud pie. Terwijl we het nog niet eens zolang geleden zonder exquise toetje moesten stellen. Het wielerleven was simpel als aardappelen, groente en vlees: een mannetje in een shirt met Sky erop won de Tour en het WK was een prooi voor een goedlachse Slowaak.

Tot Mathieu van der Poel en Wout van Aert alles overhoop kwamen gooien. Bijna alle oude wielerwetten konden bij het vuilnis. Op de weg, in het veld. Ze zijn er altijd en overal. Sprints, bergop, in de aanval. We vinden het al bijna normaal. We gaan het de komende jaren - ze zijn nog jong - waarschijnlijk steeds normaler vinden.

Dat is het niet. Nooit in de geschiedenis van het moderne wielrennen waren er twee van zulke toppers die op zoveel verschillende terreinen met elkaar wedijverden. Die zo gewaagd aan elkaar zijn. Ze zijn nagenoeg even oud, gaan al hun hele leven de strijd met elkaar aan, dus zullen het zelf misschien ook al wel normaal vinden. Maar nogmaals: dat is het niet.

Als je het zonder na te denken over je heen laat komen, in de Van der Poel/Van Aert-roes, heb je het over een jaar of tien á vijftien pas door, wanneer ze zo zoetjesaan stoppen. De winnaar van de Ronde van Vlaanderen van 2035 peinst er dan niet over om op Nieuwjaarsdag in Baal door de modder te ploegen. De beste crosser van dat moment rijdt misschien wat wedstrijdjes op de weg, maar meer dan driekwart van het peloton, inclusief de winnaar van de Tour van het jaar ervoor, op een col van buitencategorie eraf rijden? Ik dacht het niet.

Met Lionel Messi en Cristiano Ronaldo hebben we in het voetbal te lang niet ingezien hoe speciaal het was dat twee van zulke grootheden in hetzelfde tijdperk tegen een balletje aantrapten. Laat ons dat in het wielrennen niet gebeuren. Het is bijzonder en dat kunnen we niet vaak genoeg herhalen.

Dus, de moraal van dit verhaal: bak dit weekend een toetjestaart met de beeltenissen van Mathieu van der Poel en Wout van Aert erop - je hebt de tijd; er is toch geen cross. Eet 'm niet op. Kijk ernaar. En besef wat voor mazzelpik je bent.

  • Wout van Aert
  • Mathieu van der Poel

Laatste nieuws